Herziening wetgeving infectie preventie 2016 tandheelkunde

De KNMT heeft de herziene richtlijn infectiepreventie in mondzorgpraktijken geautoriseerd. Dat betekent dat tandartsen en hun team vanaf nu aan de slag kunnen met de implementatie van de richtlijn in de praktijk.

Wat veranderd er op gebied van legionellapreventie?

De gebruiker van de behandelunit is verantwoordelijk voor het juiste gebruik van het protocol en voor de kwaliteitscontroles. Als deze controles intern worden uitgevoerd, dan moet er een logboek van deze controles bijgehouden worden. De gebruiker is ook eindverantwoordelijk voor de microbiologische kwaliteit van het water van de behandelunit. De leverancier van de behandelunit is verantwoordelijk voor het aanleveren van een spoel- en desinfectieprotocol waarmee de kwaliteit van het water uit de behandelunit aan de norm kan voldoen.

Controleer het unitwater volgens het onderstaande stappenplan:

  1. Verricht een risico-inventarisatie en stel een beheersplan op voor elke behandelunit in de mondzorgpraktijk;
  2. Controleer elke behandelunit op de aantallen aerobe waterbacteriën bij 22°C bij voorkeur vlak voor desinfecteren en leg het aantal kve/ml vast;
  3. Indien <100 kve/ml: controleer na 6 maanden opnieuw (Arbo wetgeving mbt het Legionella beheersplan);
  4. Indien >100 kve/ml: tref maatregelen t.a.v. de infrastructuur en/of het desinfectieprotocol (raadpleeg zo nodig de leverancier) met als doel max. 100 kve/ml. Controleer zo nodig het inkomende water van het pand. Controleer hierna wederom het aantal kve/ml en leg vast. Herhaal dit net zo lang tot de norm is bereikt. Daarna kan het controleschema per 6 maanden worden hervat;
  5. Indien de norm 100-voudig wordt overschreden (>10.000 kve/ml): controleer per behandelunit op de aanwezigheid van levende legionella bacteriën volgens NEN 6265. Tref aanvullende maatregelen indien het water van de behandelunit >100 kve/l levende legionella bacteriën bevat t.a.v. de infrastructuur en/of het desinfectieprotocol met als doel max. 100 kve/l legionella. Controleer hierna wederom en herhaal tot de norm is bereikt. Daarna kan het controleschema per 6 maanden worden hervat.

BA-beveiliging controleren

Alle behandelunits die aan een waterleiding gekoppeld zijn dienen te zijn voorzien van een controleerbare terugstroombeveiliging (BA-beveiliging) om terugvloeien van water in het waterleidingnet te voorkomen (NEN-EN 1717). De BA-beveiliging moet jaarlijks gecontroleerd worden op een goede werking. Van deze controle moet een rapportage in de praktijk aanwezig zijn bij een controlebezoek van de waterleidingmaatschappij.

Meer weten?

Gijsen advies kan u adviseren op het gebied van legionellapreventie en kan het periodiek nemen en analyseren van alle benodigde watermonsters uit handen nemen.
Categorieën